Tijdens de oorlogsjaren was er in Harreveld in het jongensinternaat een noodziekenhuis ingericht.
De duitsers hadden dit internaat laten ontruimen om hun troepen daar onder te brengen, maar zagen daar bij nader inzien van af.



Vanaf november 1944 had het nederlandse rode kruis de beschikking over dit noodhospitaal.
In december van dat jaar waren er maar liefst 1200 patienten uit diverse delen van Nederland, het was er overvol en de uitrusting was zeer gebrekkig.

In het voorjaar van 1945, toen de Achterhoek bevrijd werd, vielen er vele slachtoffers onder de burgerbevolking door bombardementen.
Een van deze slachtoffers was mijn opa, hij verloor zijn been toen zijn huis in maart 1945 door bommen getroffen werd.
Met paard en wagen werd hij van Barlo naar Harreveld gebracht, waar hij enige dagen later overleden is.

Na de bevrijding werd het internaat nog een tijdlang gebruikt om vrijgekomen gevangenen, die ondervoed en verwaarloosd waren, te verzorgen.

Bron:Geschiedenis van de oost-achterhoekse ziekenhuizen.
Wim Scholz en Ben Verheij