De Trouwgroep van Bergentheim.


De illegale werkers die het blad Trouw drukten en verspreidden werden fel vervolgd door de bezetters van ons land.
Dat neemt niet weg dat Trouw steeds weer met duizenden exemplaren verscheen en overal in het land verspreid werd.
0m dit tegen te gaan werd langs de wegen en in de trein steeds scherper gecontroleerd.
De Trouwgroep wilde het risico van aanhouding tegen gaan en achtte het raadzaam een illegale drukkerij in de buurt van het stille Bergentheim te vestigen.
Hiervoor werden plannen gemaakt.
Een landbouwer aan de Van Roijenswijk, Derk Jan te Rietstap, had in zijn grote boerderij genoeg mogelijkheden om bezwarend materiaal weg te bergen.

Zijn zwager Gerrit Jan Ormel, die naast hem woonde, was een echte verzetsman.
Hij nam actief deel aan de overval op het bevolkingsregister van Hellendoorn.
Hij was tot grote steun van de Trouwgroep in Bergentheim.
Evenals Derk Jan te Rietstap verborg hij joden op zijn boerderij.

De derde nuttige helper was Geert Salomons die ook een grote schuur had, waarin niet alleen een van de Duitsers gekaapte autobus was weggeborgen onder stropakken, maar waar ook onderduikers een veilige schuilplaats vonden.

Als vierde kwam daar Geert Theissens bij.
Alle vier hadden ze een landbouwbedrijf aan de Van Roijenswijk.
Maar ook vele illegale workers kwamen samen bij Derk Jan te Rietstap.

Op zekere dag kreeg de hervormde predikant C.Dijkhuis uit Bergentheim een seintje dat men onderweg was om hem te arresteren.
Toen de Duitsers bij de pastorie kwamen bleek de vogel reeds gevlogen, met achterlating van al zijn bezit.
Brutaalweg besloten Albert Bols en Harm Schuurman om ervoor te zorgen dat de pastorie niet leeggeroofd zou worden.

Terwijl ze bezig waren allerlei zaken uit de woning in veiligheid te brengen, werd dit opgemerkt door een zeer ongunstig bekendstaande verrader.
Hij waarschuwde het Kontroll-Kommando van het kamp Erica bij Ommen.
Deze lieden kwamen in actie en verrasten de beide verhuizers, die wegvluchtten.
Ze lieten in de haast hun fietsen achter en dat werd ze noodlottig want op beide fietsen was een adresplaatje aangebracht.
Als eerste werd Albert Bols in zijn woning gearresteerd en naar het kamp Erica gebracht.

Daar had men wel middelen om iemand aan het praten te krijgen.
Schuurman onderging hetzelfde lot als Bols.
Door middel van verschrikkelijke mishandelingen werden zij geprest om namen te noemen.

De volgende dag waren de bloedhonden van de N.S.K.K. uit het kamp Erica al bij Derk Jan te Rietstap.
Op het middaguur kwamen ze de boerderij binnen, terwijl het gezin nog aan het middagmaal zat.
De principiele landbouwer, die zijn werk voor Trouw uit overtuiging deed, vroeg de mannen die hem kwamen arresteren of hij, alvorens hij mee ging, de maaltijd besluiten mocht met een dankgebed.
Dit werd hem met een schampere opmerking toegestaan.

Er volgt een reeks arrestaties in Bergentheim.
Geert Salomons is niet thuis als men hem wil ophalen, maar hij komt aanfietsen als de Duitsers onverrichterzake vertrekken.
Onderweg passeert hij ze en wordt herkend door dezelfde criminele verrader die ook Bols en Schuurman heeft aangebracht en wordt gearresteerd.

Er volgt een ontstellende rij van arrrestaties. W.Berends wordt opgepakt, G.Griemink, G.Luchies, W.Oord , A.Timmerman. en W. v.d.Sluis Ook wordt Gerrit Jan Ormel meegenomen.
De illegaliteit van Bergentheim werd een gevoelige slag toegediend.
Na hun arresatie worden ze voor een week naar kamp Erica gebracht waar ze gemarteld worden om bekentenissen af te dwingen.
De volgende drie weken gaan ze naar het huis van bewaring in Almelo, om tenslotte naar de Kruisberg in Doetinchem te gaan.

Wanneer de Duitsers denken dat ze de Trouwgroep en het verzet in Bergentheim geheel opgerold hebben, vergissen ze zich.
De broer van DerkJan te Rietstap is onmiddellijk ondergedoken en deze Jan te Rietstap zet het werk zonder onderbreking voort.
Nog dezelfde nacht haalt hij al het bezwaren materiaal uit de boerderij van Derk Jan weg.
Hij heeft daarbij een paar goede helpers uit Sibculo, namelijk bakker Jan Sloot en diens knecht Jan Prenger.

Ook anderen als Boshove en Pots laten zich niet onbetuigd.
Het werk ging door.
Koeriersters vertrokken zoals tevoren met stapels exemplaren van Trouw naar het Noorden des lands op de fiets.
Er werd ook nog een drukpers gekocht in Almelo.
Geert Noppers en Jan te Rietstap haalden die met paard en wagen bij de drukkerij Landhuis.
Gerrit Kuik uit Glanerbrug zou voor het drukken zorgen.

In Sibculo werd het papier opgeslagen bij Jansen.
Daar zorgde Jan Prenger uit Sibculo voor.
Ook nu weer werd de apparatuur veilig onder balen stro verborgen.
De drukpers heeft wel gewerkt, maar het blad Trouw werd er niet op gedrukt.
Uit Zwolle kreeg men nieuwe nummers voor het distribueren.
Wel drukte men er pamfletten.
Mede door de aktiviteiten in Bergentheim was Trouw het verzetsblad met de grootste oplage.

Derk Jan Te Rietstap verborg een omvangrijk archief van 'Trouw' ergens boven in de boerderij.
Je kon daar alleen van buitenaf bijkomen.
Wegens toenemend gevaar besloot hij dit archief in een grote houten kist buitenshuis te verbergen.
Dit archief kwam later in een bietenkuil terecht.
Na de arrestatie werd het bezwarende materiaal door bakker Sloots en zijn knecht Jan Prenger naar Sibculo vervoerd op een bakfiets.
Sloots droogde de nat geworden papieren in de bakkerij.
Jan Prenger was zeer actief in het verzet.
Bij hem kwam de illegale drukpers in huis.

In Varsseveld werd een monument opgericht.
We vinden er de namen op van tien Hardenbergers die uit vaderlandsliefde en geloofsovertuiging hier hun leven moesten offeren.

Bron:Casper Diemerschool.