Het onderstaande verhaal is geschreven door Tonny te Loo uit Bredevoort.

De twaalf apostelen

Bijna onvermijdelijk wordt een wandeling op een stille zondagochtend naar de Twaalf Apostelen een soort pelgrimstocht.
Nadat ik nog maar enkele meters heb afgelegd op de Kloosterdijk word ik al direct geconfronteerd met de tijdelijkheid van mijn bestaan, want aan mijn linkerhand ligt het kerkhof.

In gedachten verzonken loop ik verder en zie een bordje "Hof van E(er)den', een subtiele verwijzing naar het Paradijs.
Op deze druilerige zondagochtend is het niet het zinnebeeld van de Lusthof uit het boek Genesis, maar een populierenbos met doornige struiken en brandnetels, zonder lief'lijk vogelgekwetter, maar met onheilspellend gekras van kraaien.

Het idee dat ik aan een pelgrimage ben begonnen wordt alleen nog maar versterkt als zich even verder de Pastoorsdijk bij de Kloosterdijk voegt.
Dit is ongetwijfeld de route, die de Bredevoortse pastoors op zondagochtend na de vroegmis namen op weg naar het klooster 't Schaer.

Even waan ik me in gezelschap van meneer pastoor en samen lopen we over de licht stijgende Kloosterdijk in de richting van het Kloosterbos, dat in de verte al massief opdoemt.
Onze pelgrimage begint op een vorm van boetedoening te lijken, want de regen valt inmiddels gestaag neer.
Ook mijn denkbeeldige wandelgenoot verlangt nu naar een roemer wijn bij de zusters in het klooster.

Om de beginnende somberheid wat te temperen, wijs ik hem op de vrolijk gekleurde vlaggen op de silo's in de verte, maar deze poging het varkensbedrijf anno 2000 een fleurig aanzien te geven werkt bij ons beiden averechts.

Nat en triest slaan we bij een houten bordje'Buurtschap 't Klooster'rechtsaf om vrijwel meteen in het bos te verdwijnen.
In de gietende regen neem ik afscheid van meneer pastoor en besluit te schuilen onder de grote beuken, die in de volksmond bekend staan als 'De Twaalf Apostelen';nu staan er nog slechts negen.

Een diep uitgesleten beekje likt aan de tenen der apostelen en hun kruinen laten nog slecht een groen gefilterd licht door.


Hun schors als een pokdalige huid.
Namen en losse letters als acne op de ooit zo gladde stam.
Mos groeit er overheenals pancake, een natuurlijke vorm van cosmetica om de littekens te verdoezelen.

De ingekerfde namen zijn door de jaren heen vergroeid, maar op de eerste apostel staat duidelijk leesbaar tussen een wirwar van initialen "T.Verkaik+A.Klomberg 9-8-51'.
Een halve eeuw al pronken daar hun namen.
Wie waren zij?

De tweede apostel draagt de tekenen van de Gebr. De Boer;helaas voor de fans van Ajax niet R. en F., maar L. en Y.de Boer.
Op een volgende verklaren JB en MJ middels een hartje met een pijl erdoor elkaar hun eeuwige liefde.

Veel mensen hebben hier iets zichtbaars achtergelaten en voor degenen die al zijn overleden is het hun persoonlijk ín memoriam'.
Het stemmige licht en de stilte op deze zondagochtend maken deze plek tot een bedevaartsoord.

Op de stam van de voorlaatste beuk lees ik in forse letters 'De Blauwe Bende';ooit moeten de bendeleden hier hun territorium hebben afgebakend.
Het is een duidelijke waarschuwing voor de argeloze reiziger.
Ook ik neem de waarschuwing van De Blauwe Bende serieus en verdwijn in het bos.


Bramenstruiken en bosbessen overwoekeren een soppig paadje.
Moeizaam loop ik in de richting van de Schaarsbeek en zie het open landschap van Corle voor me.
Soms lijkt het verleden even heel dichtbij.

Met toestemming van Tonny te Loo,
schrijver van het boek "De Twaalf Apostelen"
en achtendertig andere verhalen.

ISBN90-70017-76-8 NUR 303